Spanning en gevoelens | Dagboek van een mollenjager #2

Voor #1 van mijn dagboek, klik je hier ūüôā

In mijn verslag van heel dit avontuur zijn we/ben ik nog niet eens bij de dag van vertrek en ik heb nu al veel getypt. De reis was niet megalang maar we hebben wel megaveel gedaan en dat zorgt ervoor dat ik de site van UcDean moet checken om me te herinneren wat we allemaal precies gedaan hebben. En zelfs dan zijn er dingen die ik niet meer weet. Ik denk dat ik maar de hulp van mijn medekandidaten moet inschakelen om alles weer op te helderen.

Het is alweer meer dan een maand geleden dat we vertrokken vanaf het campusterrein, maar dit deden we niet voordat daar ook nog heel veel gebeurde en aan de hand was. Zoveel zelfs dat ik ook voor die allereerste dag op de site moest kijken om te zien wat er allemaal precies gebeurd was, ook al zijn er sommige dingen wel in mijn hersenen gegrift.
En nu komt de anticlimax. Ik ga nu niet verder schrijven over de reis. Want terwijl ik die berichten op de site lees verschijnt er een soort spanning in mijn lichaam die ik niet ken. En ik vind het heel naar.

Ik ben niet een persoon die bang is aangelegd. Ok, ik ben niet heel comfortabel in het donker en op grote hoogte sta ik ook niet echt ontspannen in mijn schoenen, maar dat heeft meer te maken met de angst voor het van die grote hoogte af te vallen dan dat ik echt bang ben om op die hoogte te staan.
Misschien komt de spanning die ik voel nog wel het meest overeen met die angst om van grote hoogte te vallen.

Het is heel bizar om te voelen, en vast ook bizar om over te lezen, spanning die je krijgt van het lezen over activiteiten die je gedaan hebt. Het voelt dan ook alsof ik me gigantisch aanstel en ik hoor graag van mijn medekandidaten of zij dat misschien ook wel zo ervaren.

De mensen die, net als ik dus blijkbaar, hoogtevrees hebben weten hoe dit voelt. Iedereen die ergens bang voor is weet wel hoe dit voelt. Ik heb ooit geleerd over de mens, dat wij dus blijkbaar een natuurlijk¬†fight-or-flight response¬†hebben. Dit betekent dat sommige mensen vluchten als ze iets bedreigends zien en andere mensen die gaan het gevecht aan. En de spanning die ik nu voel zorgt duidelijk voor effecten die gecategoriseerd kunnen worden onder ‘flight response‘ (lees: ontwijkgedrag). Ik moet zeggen dat ik al een stapje vooruit ben gegaan door over die spanning te schrijven in plaats van te doen alsof ik nooit aan dat hele spel heb meegedaan, de site te ontwijken en daarom er dus ook niet over te hoeven schrijven, zoals ik eigenlijk al sinds terugkomst mezelf heb voorgehouden.

De spanning en het rare gevoel zijn niet aanwezig als ik met vrienden/familie/kennissen over de reis praat. Niet d√≠√© spanning. Dan krijg ik alleen maar herhalingen van de adrenalinerush¬†waar ik 4/5 (zie je, ik weet het dus niet zonder de site te checken) dagen op geleefd heb. Ik raak helemaal enthousiast en omdat het spel zo complex is ben ik minstens al een kwartier kwijt om uit te leggen wat we nou eigenlijk precies deden, een half uur zelfs als de persoon in kwestie waarmee ik praat geen idee heeft van wat ‘Wie Is De Mol?’ is. Dit werd nog eens versterkt als ze vragen of ik een vermoeden had wie de saboteur was (wat ik eigenlijk niet echt een heel doordachte vraag vind; als ik dat wist was ik er natuurlijk helemaal niet uitgegaan) want er zijn echt m√©gaveel momenten waarop ik had moeten zien dat de saboteur, nou ja, de saboteur was. Maar daarover later meer.

Terug naar de spanning die ik dus wél voel. Het is erger dan de spanning die ik had voor mijn wiskunde eindexamen. En van alle examens was ik voor wiskunde het meest nerveus voor wiskunde. Het is ook erger dan de spanning die ik had bij mijn 3e poging om mijn rijbewijs te halen. En dan heb ik het over de spanning die ik had vóór het nemen van kalmeringstabletten. Ik denk dat een dosering valium die sterk genoeg is om een olifant knock-out te krijgen mij op dat moment niet rustig had gekregen.
Deze spanning is écht erg en écht naar. Het voelt bijna als een soort trauma-angst aan. Ok, misschien ga ik nu overdrijven, maar die richting gaat het wel op.

Het is een mix van positieve en negatieve gevoelens. Negatief om een aantal redenen:
– Ik baal ervan dat ik er zo ‘vroeg’ uit ben gegaan. En dat ook weer om verschillende redenen. 1. Ik heb de pot niet gewonnen, maar dat was mijn ‘main goal’ toch niet echt. 2. Ik heb de finale niet gehaald, wat wel mijn doel was in het spel. 3. Ik ben er wel ‘vroeg’ uit gegaan, maar niet zo vroeg dat ik het volgend jaar nog een keer kan proberen. 4. Ik moest weg van mijn nieuwe vrienden.
Vooral het laatste deed me het meeste pijn toen ik het spel moest verlaten. Ik had megasnel megaveel nieuwe vrienden gemaakt en die vond ik allemaal zo lief en fijn, wat misschien ook wel kwam omdat we elkaar semi-gedwongen ‘liefjes’ en ‘vriendjes en vriendinnetjes’ noemde, dat ik helemaal niet weg wilde. Dat in combinatie met dat je je in een soort spelwereld waant, afgesloten van de buitenwereld met als enige vorm van contact het vragen naar een recept voor aardappelsoep, maakte het dat ik mijn hele leven wel in dit spel had kunnen blijven ‘wonen’.
РHet is voorbij. Ik wil terug naar de spanning die ik had vóór de reis, toen het allemaal nog moest gebeuren. Ik kan het nu nooit meer opnieuw meemaken, en dat is naar.
РAchteraf waren er echt mééégaveel aanwijzingen waaraan ik had moeten zien dat Emiel de saboteur was. Ik baal er zo ontzettend van dat mijn instinct om dat soort dingen aan te voelen zo hard gefaald heeft. (Even voor de duidelijkheid, bij het laatste seizoen van WIDM had ik vóór de eerste aflevering al door dat Susan de Mol was en in het jaar dáárvoor heb ik nog een appeltaart mét slagroom gewonnen met een weddenschap over dat Kees de Mol was, waar ik al sinds aflevering 3 op zat. En dan heb je natuurlijk nog de voltreffer van een persoonlijkheidsanalyse die ik maakte tijdens de selectiedag.)
Ik schrik af en toe wakker met de gedachte: dus dáárom deed hij dat. En ik denk terug aan de momenten waarop ik nadacht over wie het kon zijn. Waarom heb ik géén moment aan Emiel gedacht? Ik weet het ook gewoon niet. Er is/was geen duidelijke reden waarom Emiel het niet kon zijn, en toch verdachte ik hem totaal niet. En ik kan met geen woorden uitdrukken hoe erg ik daar van baal.

Maar de spanning bestaat dus ook uit positieve spanning, ook om een tweetal redenen:
– Deze komt voort uit, of is eigenlijk een voorganger van een negatieve reden. Ik heb megasnel megaveel nieuwe vrienden gemaakt. En ik word echt intens gelukkig en blij als ik daaraan terug denk.
– Ik heb zo erg genoten van alles. De mensen, de spelletjes, hoe alles voor je geregeld was en je over niks anders hoefde (en dus ook niet kon) na te denken dan wie de saboteur zou kunnen zijn. Die spelwereld waar je in zat was echt fantastisch. Het gevoel dat ik tijdens het spel had was zo fijn en daar denk ik in blijdschap aan terug.

Zo. Het is eruit. Nu ik geen verder ontwijkgedrag meer kan vertonen wordt het tijd om mijn fight-response maar eens in te schakelen en mijn angst om te schrijven over mijn te gekke reis, hoe gek dat ook klinkt, onder ogen te zien.
Als het te lang duurt, stuur me dan even een peptalk. Dan ben ik waarschijnlijk weer bezweken onder de spanning.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s